Geschiedenis van koffie


Rond 300 v.Chr. ontdekte een geitenhoeder in Ethiopië dat zijn dieren opvallende energiek waren na het eten van de bessen van een bepaalde plant. De herder plukte er wat, kookte ze en verkreeg een aftreksel met een tot dan toe onbekende geur. Het brouwsel was bitter, maar gaf ook een gevoel van voldoening en helderheid van geest. Naar alle waarschijnlijkheid hebben vervolgens Arabieren de teelt van koffieplanten in gang gezet. Ze spraken niet meer van bunn (wat ‘boon’ betekent) maar van qahwa of quahweh wat ‘geeft sterkte’ of ‘macht’ betekent. Ondanks pogingen van sommige Arabieren tot geheimhouding en het handhaven van een uitvoerverbod, werd koffie spoedig populair in de meeste islamitische landen. De koffienaam mokka verwijst naar Mokka, een havenstad aan de Rode Zee vanwaar de koffie naar Egypte en Syrië werd getransporteerd.